Ik hou van de diversiteit van bladerdeeg. Te gebruiken als ’star of the dish’ of als basis. Ik gebruik dit recept als basis voor onder andere pastéis de nata, taartbodems of lekker als knapperig gekruide stengels. Het is makkelijk om zelf te maken, het kost alleen een beetje geduld, omdat je het deeg tussen het toeren door steeds moet koelen. Zelf maak ik altijd een voorraadje bladerdeeg, omdat deze goed in de vriezer te bewaren is. Dan heb ik altijd vers bladerdeeg voor later gebruik.

Ik ben een groot voorstander van zoete rijst. Of het nu kleefrijst met mango, rijstepap of vlaai is, ik vind het heerlijk. Daarnaast is het ook nog eens super makkelijk om zelf te maken. Als je geen vlaaipan hebt kun je hem natuurlijk ook in een andere vorm maken.

Koffie met een punt appeltaart: Nederlandser kan het bijna niet. Er zijn dan ook honderden verschillende recepten in omloop. Daarnaast varieert het uiterlijk: open, helemaal dicht, met raster of kruimel. Heerlijk hoe je kunt variëren! Bij dit recept maak ik (naast appels) gebruik van abrikozen en abrikozen(halva)jam in plaats van suiker. Dit zorgt voor een iets minder zure taart die ook wat minder suiker bevat. De kruiden doe ik niet door de vulling, maar door het deeg.

Veel Nederlanders eten pindakaas op brood. Tegenwoordig zijn er allemaal smaken verkrijgbaar. Toch ben ik in de supermarkt of speciaalzaak nog geen vanille pindakaas tegengekomen. Zelf pindakaas maken is makkelijker dan je denkt. Laat je verassen en probeer het zelf ook eens!

Toen ik deze zomer in Porto was, ben ik bij Manteigaria gezwicht voor Pastéis de Nata. Het is een klein taartje, vaak op basis van een bladerdeeg, gevuld met een custard, traditiegetrouw bestrooid met poedersuiker en kaneel. Deze inmiddels populaire Portugese lekkernij vindt zijn origine in Santa Maria de Belém. In Nederland zie je ze weinig en zijn ze redelijk onbekend. Dit terwijl deze Portugese lekkernij super lekker is!